Kruiden
AKKERMUNT
(Mentha Arvensis L)
Akkermunt is een keukenkruid dat rauw gegeten wordt samen met andere kruiden zoals sla, koriander, perilla en kruisdistel, of als bijgerecht bij geroosterd vlees.
Kruiden
Care Notes

AKKERMUNT
Mentha Arvensis L
1. Biologische Kenmerken
Kruidachtige plant met zachte, kruipende stengels. Donkerpaarse stengel, eivormige bladeren. Houdt van warmte (22-23 °C).
2. Gebruik
Kruid om rauw te eten, lekker bij geroosterd vlees. Uit het kruid wordt etherische olie gewonnen tegen hoofdpijn.
3. Teelttechniek
Plantseizoen aug-sep (of het hele jaar). Zandleem of lichte leem.
I. GEBRUIK
Akkermunt is een keukenkruid dat rauw gegeten wordt met andere kruiden zoals sla, koriander, perilla en kruisdistel enz., of als bijgerecht bij geroosterd vlees of in loempia's.
Akkermunt heeft een sterke, scherpe geur, minder aantrekkelijk dan de fijnere geur van echte hung lang-munt.
In sommige landen wordt akkermunt gebruikt om etherische olie te extraheren. De olie helpt bij hoofdpijn.
II. BIOLOGISCHE KENMERKEN
- Stengel & blad: akkermunt is een eenjarige kruidachtige plant met zachte stengels die rondom uitlopen. De stengels zijn glad en donkerpaars. De bladeren zijn eivormig, met een licht glanzend oppervlak, een paarse bladsteel en een gladde of fijn getande rand.
- Bloem & zaad: kleine, lichtpaarse of witte bloemen, met 5-6 bloemen per krans. De zaden zijn glanzend zwart.
- Klimaat: akkermunt houdt van een warm, gematigd klimaat; de optimale groeitemperatuur ligt tussen 22-23 °C. De plant verdraagt hitte en droogte, maar is vochtminnend en verdraagt geen wateroverlast. Bij lage temperaturen groeit hij slecht.
- Grond: houdt van een luchtige grond met neutrale pH.
III. TEELTTECHNIEK
1. Plantseizoen
Akkermunt kan het hele jaar door geplant worden, maar levert in warme seizoenen de hoogste opbrengst. Plant in augustus-september.
2. Grond en bemesting
Grond: ploeg en eg de grond goed en houd hem onkruidvrij; laat hem indien mogelijk voor het planten kort braak liggen. Zandleem en lichte leem zijn beide geschikt. Maak met een schoffel bedden van 1,1-1,2 m breed en 0,15-0,20 m hoog, met geulen van 0,25-0,30 m breed.
- Goed verteerde stalmest: 1,0 - 1,5 ton
- Superfosfaat: 20 - 30 kg
- Kaliumchloride: 15 kg
- NPK-mix: 50 - 60 kg (of 100 kg houtas)
* Gebruik niet te veel anorganische stikstof.
* Bemestingsmethode: basisbemesting met alle organische mest, alle superfosfaat en 1/3 van de totale kalium in de plantgeulen of in het bed voor het planten. Meng de mest altijd grondig door de grond.
3. Vermeerdering
- Akkermunt wordt meestal vegetatief vermeerderd (via stengelstekken). Knip stekken van 4-5 cm.
- Steek de stekken op een rijafstand van 15-20 cm en 7-10 cm tussen de planten. Druk de aarde rond de stek licht aan.
4. Verzorging
- Water geven: na het planten 2 keer per dag geven met een gieter met sproeikop (ochtend en namiddag). Wanneer de planten zijn aangeslagen en uitlopen, om de 2-3 dagen vochtig houden. Bij droog, warm weer dagelijks vochtig houden. Voor de meeste kruidachtige kruiden wordt niet via geulen bevloeid. Gebruik altijd schoon water.
- Schoffelen en wieden: zodra de plant is aangeslagen en nieuwe bladeren maakt, schoffel je de grond luchtig en verwijder je tegelijk het onkruid.
- Bijbemesten, geven met meststof: zodra de plant is aangeslagen, geef je NPK; los de mest op in tot 1-2% of strooi rondom de stengel en bedek met grond uit de geul. Spoel daarna de bladeren met schoon af. Bemest na elke oogst, afhankelijk van de groei, met 20-30 kg NPK. Gebruik nooit verse, onverteerde mest.
IV. OOGST
Eenmaal geplant kun je akkermunt het hele jaar door oogsten. De opbrengst in het zomer-herfstseizoen is wel meestal lager.
- Eerste oogst: een maand na het planten.
- Tijd tussen oogsten: ongeveer 15-20 dagen.
- Oogsttechniek vergelijkbaar met die van andere muntsoorten.
- Trek na 7-8 oogsten de planten eruit, ploeg de grond, laat hem rusten en plant opnieuw.
- Zaad winnen: laat planten op het bed staan en overwinter tot het volgende jaar.
Leefomstandigheden
Bemesting per 1.000 m²: Goed verteerde stalmest: 1,0 - 1,5 ton Superfosfaat: 20 - 30 kg Kaliumchloride: 15 kg NPK-mix: 50 - 60 kg (of 100 kg houtas) * Gebruik niet te veel anorganische stikstof. * Bemestingsmethode: basisbemesting met alle organische mest, alle superfosfaat en 1/3 van de totale kalium in de plantgeulen of in het bed voor het planten. Meng de mest altijd grondig door de grond. 3. Vermeerdering Akkermunt wordt meestal vegetatief vermeerderd (via stengelstekken). Knip stekken van 4-5 cm. Steek de stekken op een rijafstand van 15-20 cm en 7-10 cm tussen de planten. Druk de aarde rond de stek licht aan. 4. Verzorging Water geven: na het planten 2 keer per dag geven met een gieter met sproeikop. Wanneer de planten zijn aangeslagen, om de 2-3 dagen vochtig houden. Bij droog, warm weer dagelijks vochtig houden. Voor de meeste kruidachtige kruiden wordt niet via geulen bevloeid. Gebruik altijd schoon water. Schoffelen en wieden: zodra de plant is aangeslagen en nieuwe bladeren maakt, schoffel je de grond luchtig en verwijder je tegelijk het onkruid. Bijbemesten: zodra de plant is aangeslagen, geef je NPK; los de mest op in tot 1-2% of strooi rondom de stengel en bedek met grond uit de geul. Spoel daarna de bladeren met schoon af. Bemest na elke oogst met 20-30 kg NPK. Gebruik nooit verse, onverteerde mest. IV. OOGST Eenmaal geplant kun je akkermunt het hele jaar door oogsten. Eerste oogst: een maand na het planten. Tijd tussen oogsten: ongeveer 15-20 dagen. Trek na 7-8 oogsten de planten eruit, ploeg de grond, laat hem rusten en plant opnieuw. Bemesting (per 1.000 m²) 1,0-1,5 ton stalmest 50-60 kg NPK 20-30 kg superfosfaat 15 kg kaliumchloride Groeicyclus Planten
Augustus-september (stekken van 4-5 cm)
Verzorging
2 keer per dag geven
Eerste Oogst
Na 1 maand
Volgende Oogsten
Elke 15-20 dagen