Specerij
GALANGA
(Alpinia officinarum)
Galanga is een veelgebruikte specerij in het dagelijks leven. Vietnamese gerechten als rua man (hondsvlees-ragout) en gia cay zijn ondenkbaar zonder galanga.
Specerij
Care Notes
Waterbehoefte

GALANGA
Alpinia officinarum
1. Biologische Kenmerken
Meerjarige kruidachtige plant, meer dan 1 m hoog. Krachtig ontwikkelde rizomen. Brede bladeren met aangename geur.
2. Gebruik
Specerij (rua man, gia cay, ingelegde aubergines) en geneeskrachtig (huidaandoeningen, warmte-uitslag bij kinderen).
3. Teelttechniek
Planten in februari-maart. Luchtige grond. Vermeerderen via pootrizomen.
I. Gebruik
Galanga is een veelgebruikte specerij in het dagelijks leven. Vietnamese gerechten als rua man en gia cay zijn ondenkbaar zonder galanga. Bij het inleggen van auberginetjes geeft galanga een mooie witte kleur, een knapperige textuur en een aangename geur.
Andere toepassingen: galanga is ook een geneeskrachtig kruid bij huidaandoeningen. Bladeren van galanga worden gebruikt om kinderen mee te badderen tegen warmte-uitslag.
II. Biologische Kenmerken
- Stengel & wortels: meerjarige kruidachtige plant, meer dan 1 m hoog. Krachtig ontwikkelde rizomen vormen het bruikbare deel. De schijnstam wordt gevormd door bladscheden.
- Blad: brede, lichtgroene bladeren, glad en zacht, met een aangename geur.
- Klimaat: houdt van een gematigd klimaat, verdraagt warmte en vocht, is droogtebestendig en verdraagt geen wateroverlast.
- Licht: lichtminnend; kan groeien aan bosranden en onder een ijle kruin.
- Grond: niet kieskeurig, maar luchtige, humusrijke grond met een diepe bouwvoor levert de beste groei.
III. Teelttechniek
1. Plantseizoen & Grond
- Plantseizoen: het beste van half februari tot half maart. Eventueel eind maart tot begin april. In warme, droge streken kunnen meerdere teelten per jaar.
- Grond: goed ploegen en eggen, onkruidvrij. Bedden 1,1-1,2 m breed, 0,25-0,30 m hoog, geulen 0,25-0,30 m breed.
2. Bemesting (per 1.000 m²)
- Organische mest: 1,5 - 2,0 ton
- NPK: 40 - 50 kg
- Superfosfaat: 25 - 30 kg
- Kaliumchloride: 15 - 20 kg
* Basisbemesting: alle organische mest, alle fosfaat en 1/3 kalium in de plantgaten/geulen, goed mengen met de grond.
3. Plantafstand & Plantmethode
- Afstand: rijafstand 50-60 cm, plant op plant 40-50 cm.
- Zaaigoed: kies krachtige, ziektevrije pootrizomen. Snij ze in kleine stukken met 2-3 ogen.
- Plantmethode: plaats het stuk in het gat of de geul en dek af met 5-7 cm grond.
4. Verzorging
- Water geven: 2 keer per dag (ochtend en middag) tot opkomst. Daarna geulbevloeiing of naar behoefte. Houd voldoende vocht tijdens krachtige bladgroei en rizoomvorming.
- Schoffelen en aanaarden: 25-30 dagen na het planten (zodra de plant opkomt) lichtjes schoffelen, aanaarden en wieden. Alleen in de beginfase schoffelen en aanaarden.
- Bijbemesten: - 7-10 kg NPK per keer; opgelost (1,5-2%) of droog (op 7-10 cm van de plant). - Tijdens de rizoomvorming extra kalium geven (5-7 kg per keer).
IV. Oogst en Zaadbehoud
- Tijdstip: 12-13 maanden na het planten kunnen rizomen als pootgoed geoogst worden. Voor de markt laat je ze verder rijpen voor een rijker aroma.
- Tekenen: de stengels en bladeren zijn vergeeld en de rizomen zijn vast en stevig.
- Voor de oogst: laat het veld 30-40 dagen opdrogen.
- Methode: steek de zijkanten van het bed los met een schoffel, trek de plant uit, snij de stengels en bladeren af en schud de aarde eraf. Je kunt ook eerst het bovengrondse deel afsnijden en daarna de rizomen uitsteken.
- Bewaring van pootrizomen: laat de schil opdrogen en bewaar op een koele, luchtige plaats.
Leefomstandigheden
Planten
Februari-maart. Pootrizomen in stukken snijden.
Verzorging
Schoffelen na 1 maand. Bijbemesten en geven.
Rizoomvorming
Extra kalium, minder schoffelen.
Oogst
Na 12-13 maanden.